Vanaf de leeftijd van 2 jaar wordt een peuter zich bewust van de wereld en zijn mogelijkheden en kansen, ontwikkelt het zijn eigen wil en ontdekt hij dat hij niet alles mag wat hij wil. Het ontdekken en ervaren van grenzen kan met boosheid en frustraties gepaard gaan. Zeker als een peuter ook nog niet de mogelijkheid heeft om zijn emoties onder woorden te brengen. Een driftbui is dan de enige manier voor een peuter om duidelijk te maken dat hij zich boos of gefrustreerd voelt.

Driftbuien

Deze driftbuien kunnen heel onvoorspelbaar zijn en op de meeste onverwachte momenten voor komen. Thuis, in de rij bij de kassa, in het gangpad van de supermarkt of op het schoolplein wanneer een oudere broer of zus opgehaald moet worden. Lang niet altijd de meest ideale momenten om de driftbuien van een peuter te trotseren, maar het hoort nu eenmaal bij zijn ontwikkeling en hij is nog niet in staat om te bedenken wanneer het goed uitkomt dat hij een driftbui krijgt.

Reageren op een driftbui

Als een peuter ineens een driftbui krijgt, is het belangrijk om goed te reageren, maar dat kan best moeilijk zijn als jij – net als je peuter – ineens wordt overvallen door zijn woede aanval. Probeer dit toch voor ogen te houden. Een peuter is niet in staat om dan het overzicht over de situatie te behouden. Het is dan aan jou om kalm te blijven, het overzicht te behouden en de peuter te begeleiden in zijn driftbui.

Driftbuien worden niet minder door er een bepaalde strategie op los te laten. Het hoort op dit moment bij zijn ontwikkeling en gaat uiteindelijk weer voorbij. Wat wel helpt is om te bedenken hoe je op de driftbui van de peuter wil reageren. Doe dit bij elke driftbui. Dat maakt het voorspelbaar voor een peuter en je geeft jezelf houvast.

Het is goed voor een peuter om te leren dat zijn emoties er mogen zijn. Geef hem hier de ruimte voor. Bedenk op welke plek je een peuter thuis de ruimte kunt geven om boos of verdrietig te zijn en bespreek dit ook met hem.

Dan leert een peuter dat de plek waar hij tijdens zijn driftbui zit geen strafplek is, maar een plek om tot rust te komen. Benoem tijdens een driftbui dat hij op deze plek even tot rust mag komen. Wanneer de driftbui over is, kan hij weer terugkomen. Maak dit ook duidelijk, zeg bijvoorbeeld: “Ik zie dat je boos bent, ik kom zo weer even bij je kijken om te zien of je rustig bent.”

Op deze manier leert een peuter dat het krijgen van een driftbui niet de manier is om de aandacht te krijgen die hij wilt.

Overigens kan je een peuter ook in de supermarkt of op het schoolplein op een plek neerzetten om tot rust te komen. Als je in de buurt blijft bied je hem wel de geborgenheid van jouw aanwezigheid, maar laat je hem ook voelen dat hij een time-out heeft.

Is de driftbui voorbij ga dan even verder waar je bent gebleven en besteedt er op dat moment niet te veel aandacht aan. Neem na een half uur tot een uur de peuter nog even bij je en bespreek zijn woede aanval. Leg uit dat je snapt dat hij boos is, maar dat zijn manier van handelen niet de goede manier is. Zoek samen naar een goede en gepaste oplossing voor een volgende keer.

De grenzen van je peuter

Probeer in het dagelijks leven rekening te houden met de grenzen van een peuter. Peuters laten zich niet opjagen en doen alles op hun eigen tempo. Bouw extra tijd in, zodat je meer speling hebt als je weg moet. Als je een peuter moet opjagen, of wanneer hij moe is ligt een driftbui sneller op de loer. Gun een peuter en jezelf wat extra tijd en kies er bijvoorbeeld voor om boodschappen te doen wanneer een peuter nog vol energie is.

Om een peuter tegemoet te komen in het ontdekken van zijn eigen wil en het maken van keuzes, kan je hier ruimte voor inbouwen. Door hem tijdens het aankleden twee paar sokken voor te houden en te laten kiezen welke van de twee hij aan wil trekken, geef je hem het gevoel dat hij keuzes mag maken. Daarnaast maak je indirect duidelijk dat er sokken aangetrokken moeten worden. Dat weet een peuter, op het moment dat jij hem laat kiezen.

Positief benaderen

Wanneer je midden in een periode zit met driftbuien van een peuter ontstaat er al snel een sleur van negatieve emoties en ongewenst gedrag. Probeer juist in deze periode alert te zijn op goed en positief gedrag en benoem dit ook. Laat zien dat je trots op hem bent en het knap vindt hoe hij sommige dingen doet.

Door oog te houden voor positief en gewenst gedrag – en dit ook te benoemen – geef je een peuter een duidelijk signaal dat positief gedrag gewenst en prettig is. Daarnaast is het dan voor jezelf ook een stuk makkelijker om positief te blijven. Jij maakt jezelf er bewust van het positieve gedrag van een kind, wat je weer kan helpen in het kalm blijven als een peuter jouw begrenzing nodig heeft bij een driftbui.

Myrthe van Til en is leerkracht geweest in het speciaal onderwijs en in het regulier onderwijs. Sinds juni 2017 heeft zij haar eigen praktijk voor individuele begeleiding, Samen Wijzer. Zo nu en dan schrijft zij een blog voor Nanny Service Nederland en deelt haar pedagogische kennis. Meer informatie op www.samenwijzerdb.nl